Pensioen algemeen
Het pensioen is de laatste jaren een heet discussiepunt geworden, helemaal nu ook de regering aan de poten van de AOW
begint te zagen en wil dat 'we' langer gaan werken. Daarnaast vallen de termen pensioenbreuk, pensioentekort en pensioengat
om de haverklap in allerlei reclames. Waar gaat het eigenlijk over? In samenwerking met
pensioenchecken.nl bieden we hier
informatie over 'het pensioen'.
Ongeveer 90% van de werknemers in loondienst bouwt pensioen op via de werkgever. In een pensioenregeling kunnen verschillende
pensioenvormen zijn opgenomen:
Ouderdomspensioen
Als we het hebben over 'pensioen' bedoelen we vaak het ouderdomspensioen. Deze levenslange pensioenuitkering krijgt u vanaf
het moment dat u met pensioen gaat. Meestal is dit 65 jaar. Dan gaat ook de AOW in. Het ouderdomspensioen is een aanvulling
op de AOW-uitkering.
Nabestaandenpensioen
Het nabestaandenpensioen zorgt bij uw overlijden - tijdens dienstverband - voor een uitkering voor uw nabestaanden. Het
nabestaandenpensioen is een verzamelnaam voor het weduwe- en weduwnaarspensioen (voor gehuwden), het partnerpensioen
(voor ongehuwd samenwonenden) en het wezenpensioen. Niet alle pensioenregelingen maken echter dit onderscheid.
Nabestaandenoverbruggingspensioen
Het nabestaandenoverbruggingspensioen compenseert een eventueel ANW-hiaat. Daarom wordt het ook wel ANW-hiaatpensioen genoemd.
Het ANW-hiaat is het verschil tussen de nabestaandenuitkering volgens de vroegere Algemene Weduwen en Wezenwet (AWW) en de
uitkering die uw partner nu krijgt volgens de Algemene Nabestaanden Wet (ANW). Door de nieuwe regeling komen minder mensen
in aanmerking voor de ANW-uitkering en kan een zogenaamd ANW-gat ontstaan. Daarnaast is de ANW-uitkering afhankelijk van het
inkomen.
Wezenpensioen
Als u een wezenpensioen hebt opgebouwd, dan heeft uw kind na uw overlijden recht op een uitkering. Deze pensioenuitkering
stopt meestal als uw kind 18 jaar wordt. Soms is dit 21 jaar. Als uw kind gehandicapt is of dan nog studeert, duurt de
uitkering vaak langer. Bijvoorbeeld totdat het kind 27 jaar wordt. Overigens wordt met een wees bedoeld dat een van beide
ouders is overleden. Als beide ouders komen te overlijden, wordt gesproken over een 'volle' wees. De uitkering wordt dan
meestal verdubbeld.
Arbeidsongeschiktheidspensioen
Een arbeidsongeschiktheidspensioen vult bij arbeidsongeschiktheid de WAO-uitkering aan. De uitkering stopt als u met pensioen
gaat. Het arbeidsongeschiktheidspensioen repareert het WAO-gat. Sinds de WAO in 1993 is aangepast, bestaat de WAO-uitkering
uit twee delen:
- Een loondervingsuitkering in de beginperiode (gebaseerd op het laatstverdiende loon);
- Een vervolguitkering in de periode daarna (gebaseerd op het vervolgdagloon).
De vervolguitkering is vaak lager dan de loondervingsuitkering. Deze terugval in inkomen noemt men het WAO-gat of WAO-hiaat.
Overbruggingspensioen
Veel pensioenregelingen geven de mogelijkheid om al voor uw 65ste jaar met pensioen te gaan. Maar u hebt pas recht op
AOW als u 65 jaar bent. Het overbruggingspensioen is een voorziening om die tijd te overbruggen.
Prepensioen
Prepensioen is de vervanger van de VUT-regeling (Vervroegde Uittreding). Bij VUT-regelingen betalen werknemers die nog
actief werkzaam zijn voor de uitkeringen van de VUT-gangers. En omdat steeds meer mensen met de VUT gaan, dreigen deze
regelingen onbetaalbaar te worden. Daarom moeten ze voor 2009 vervangen zijn door prepensioenregelingen. Voor een
prepensioen moet u zelf via de pensioenregeling sparen. De uitkering eindigt op de pensioendatum en gaat dan over in
het ouderdomspensioen.
Zie voor andere onderwerpen de volgende links van pensioenchecken.nl:
De pensioen-opbouw kan bestaan uit 3 onderdelen
De AOW, algemene ouderdoms wet, een basisvoorziening
Eerder stoppen met werken? Pensioenwens en pensioenplan
Het werkgeverspensioen een aanvulling op uw pensioen